Sint-Apolloniakerk Elst

Sint-Apolloniakerk Elst

Geschiedenis 

Elst is een zeer oude gemeente en dat verraadt reeds zijn naam.  De oudste vermelding luidt “ELSUTH” en dateert van 977.

Het woord is afgeleid van “alisothu-“, collectief van “aliso”, een Germaanse stam die “els” betekent en het suffix “-uth”, dat vooral gebruikt werd voor het aanduiden van een verzameling van bomen.  De naam ELST duidt dus op een verzameling elzenstruiken.  In het midden van de 12de eeuw wordt Elst    geciteerd in de huidige schrijfwijze.

Tijdens het Ancien Regime behoorde Elst tot de bezittingen van de Baronie van Pamele (Oudenaarde).  Bestuurlijk en fiscaal behoorde de plaats tot het Land van Aalst.

Tot het einde van de middeleeuwen was Elst dicht bebost, het telde zeer weinig inwoners.  Een groot historisch verleden zal Elst wel niet beschoren geweest zijn want het dorp had geen kasteel en ook  geen  historische monumenten, tenzij de kerk.

Sinds 1 januari 1971 is de gemeente Elst een deel van de fusiegemeente Brakel.

Ongetwijfeld een belangrijk element voor het ontstaan van Elst is wel zijn ligging op een hoogte.  Het kerkportaal ligt immers op 96 m boven de zeespiegel en de hoogste wijk, namelijk de Ooievaar, ligt nog zo‘n 10 m hoger.

Momenteel is er op ‘de Ooievaar’ een uitkijktoren gekomen.  Die kun je met 162 trappen beklimmen en zo ongeveer 20m hoger komen.

Parochiekerk Sint-Apollonia

Over het ontstaan van de parochie zijn er vrij weinig gegevens bewaard gebleven.  Maar waarom zou Elst, toch al vernoemd in 977, geen kerkje of toch geen bidplaats gehad hebben in die tijd?  Vanaf het einde van de twaalfde eeuw kunnen we echter met zekerheid stellen dat er een bidplaats was in   Elst   omdat ze vermeld staat in de oorkonde van de abdij van Ename.

Vermoedelijk zal, zoals de meeste kerken in onze streek, een eerste stenen kerk pas in de 12de eeuw gebouwd zijn op de plaats van een vroegere bidplaats.

Nog meer bewijzen over de parochie Elst zijn er te vinden in de oorkonden uit de dertiende eeuw.  Rond 1200 dook ook de naam van een pastoor op.  De eerste pastoor van Elst die  vermeld  werd  in  de  oorkonden van de Sint- Salvatorabdij van Ename is een zekere Egeberto.  Na 1575 heeft de parochie Elst lange tijd geen pastoor meer gehad wegens een nijpend tekort aan priesters.  Zelfs grote parochies kregen slechts een deservitor.  In de periode van 1580 tot 1621, en ook nog nadien, hebben enkel pastoors van naburige parochies dienst gedaan als deservitor.

De  parochie  werd gedurende lange tijd bediend door de pastoor  van  Michelbeke.  In  1728  verzocht  men  om  een eigen pastoor.

In de loop van de 16de eeuw was O.L. Vrouw de eerste patroonheilige van de kerk en de H. Apollonia de tweede.  Die laatste won naderhand aan belang wegens de bedevaarten en nam daardoor zelfs de bovenhand.

De H. Apollonia werd geboren te Alexandrië (Egypte) en werd, ten tijde van Keizer Decius, omwille van haar christelijke geloofsovertuiging vervolgd en gevangen genomen.  Men sloeg haar de tanden uit. T oen ze nadien nog haar christelijk geloof trouw zwoer, werd ze op de brandstapel verbrand.  Dit gebeurde in het jaar 249 na Christus.  Aldus  werd  zij  de  patrones  der  tandartsen  en werd zij aanbeden tegen tandpijn.

In de volkskunst werd zij voorgesteld met een tang waarin een tand is gevat.

Op 9 februari wordt de feestdag van St.- Apollonia gevierd.  Maar  op  de  kalender  van  het  Missale  Romanum  (1970) komt de H. Apollonia niet meer voor.  Rome verklaarde dat de H. Apollonia uit de kalender werd geschrapt omdat ze in de Oosterse kerken niet gevierd werd.  Ze werd ook geschrapt uit de “Calendarium Diocesanum”, maar dit wil niet zeggen dat haar feestdag niet meer mag herdacht worden.

Uit  oude  geschriften  blijkt  dat  Elst  vroeger  op kermiszondag  een  invasie  meemaakte  van  bedevaarders.  Die werden in het dorp opgewacht door de Elsterse geutelingengieters die hun “medicijn” verkochten.  Het oude volksgeloof wilde dat  wie met kiespijn geplaagd zat, van deze vervelende pijn kon verlost worden door in een hete geuteling te bijten.  De bedevaarders gingen toen al biddend driemaal rond de kerk en hielden driemaal halt.  Een eerste maal aan de nis in de zuidelijke kerkmuur, een tweede maal voor het houten kruis aan de buitenmuur van het koor en een derde maal voor de nis in de noordelijke zijgevel. Het houten calvariekruis werd van de buitenmuur verwijderd en is nu in de kerk opgehangen.

Hier in Elst wordt Sint-Apollonia “Sente Plone” genoemd. Het feest van de H. Apollonia was ook de aanleiding voor een kermis.  Op kermiszondag (eerste zondag na 9 februari) zijn er in Elst allerhande activiteiten zoals:

  •  “Alnetum”: sinds meerdere jaren wordt er ter gelegenheid van de Apolloniaviering een religieuze kunsttentoonstelling gehouden onder de naam “Alnetum” (= de Latijnse benaming van ‘Elst’).   E.H. Georges Herregods was hiervan de stuwende kracht en wist verschillende binnen- en buitenlandse   kunstenaars naar Elst te brengen.   Een initiatief dat nog steeds wordt voortgezet.
  • De “Geuteling”, de koek eertijds speciaal voor tandlijders, is  heden  ten  dage  het  attractiepunt  tijdens  de  kermis.

De bouwgeschiedenis van de kerk

Op de kaart van Horenbault (1595) kan men min of meer zien hoe de oude kerk eruit zag.  Een eenbeukig, klein kerkje met ten westen een massieve toren zonder spits.

De beuk, waarvan nog iets te zien is in de oostmuur van de toren, was slechts drie boogwijdten lang.  Van het vroegere koor is ook een gedeelte bewaard in de noordermuur van het huidige koor.  Dat deel is gebouwd in Lediaanse zandsteen.  Men ziet er ook de aanzet van de afschuining van de veelhoekige koorsluiting.

Het oudste deel van de huidige kerk is de westertoren, die vermoedelijk  in  de  15de   eeuw  aan  het  oude  eenbeukige schip werd toegevoegd.

In de jaren 1510 – 1525 werden aan de vroegere Romaanse westertoren  drie  geledingen  toegevoegd.  Deze bouwwerken werden uitgevoerd in baksteen en natuursteen. Het benedengedeelte van de toren bestaat uit ijzerzandsteen, hergebruikt materiaal van de vroegere kerk of  toren,  verder  vijf  lagen  baksteen  afgewisseld  met  een laag grote blokken kalkzandsteen.

De vier geledingen hoge toren is thans bekroond met een achtkantige spits.

In 1566 bleef de kerk gespaard van de Beeldenstorm.  Ze werd echter in 1582 zeer zwaar beschadigd door gewapende benden, zodat er grote herstellings-werken moesten gedaan worden.

Het oorspronkelijke gebouw bleef bewaard, maar zonder vensters, en in 1598 regende het nog op het hoofdaltaar.

Tussen 1600 en 1602 werd het schip van de kerk hersteld. Het koorgebouw was zelfs in 1617 nog met stro bedekt en nog onvoldoende hersteld.

Op 11 februari  1622  besliste het kapittel van St-Hermes van Ronse, dat trouwens het patronaatsrecht had over de kerk (recht om geestelijken ter benoeming voor te dragen), om tussen te komen in het herstellen van de kerk.

  • Aangezien de toren dreigde open te scheuren bracht men in 1621 en dan later opnieuw in de jaren 1732 – 1733 muurankers aan.  Deze ankers werden waarschijnlijk opnieuw gebruikt en verwisseld van plaats en aldus geïnterpreteerd als het jaartal 1119, alhoewel ze dus enkel functioneel aangebracht zijn.
  • In 1639 werd er door het kapittel van Ronse  een klok geschonken.  De klokken werden, bij verordening uitgevaardigd door de Gentse  Calvinisten,  in  december 1576 opgeëist. Slechts enkele kerken wisten hun klokken te bewaren.  Hoewel een tijdje gedacht werd dat de klok van Elst in Edelare verborgen was, werd ze niet meer teruggevonden en kreeg Elst een nieuwe klok in 1625.  Volgens de visitatie van 1717 waren twee klokken aanwezig in de toren. Momenteel is er in de toren één klok uit 1716.
  • Ook het horloge op de kerktoren was belangrijk voor de dorpsgemeenschap. In 1643 was de kerk van Elst al in het bezit van een torenuurwerk.
  • Sporen van werkzaamheden aan het gebouw vinden we in de kerkrekeningen omstreeks 1732-1735: plaatsen van een klokkenstoel in de toren, en in 1733 herstelling van het dak. Een nieuwe kerkdeur werd gemaakt in 1765-1766.
  • In de 18de eeuw was de kerk te klein en werd beslist de kerk te vergroten. In 1775 werd de kerk afgebroken, enkel de toren bleef staan. De huidige driebeukige classicistische kerk  werd  gebouwd  in  de  periode  1775  –  1778. Hieromtrent is een brief bewaard waarin de bouw van de kerk nader omschreven werd.
  • In 1777 werd in het koor de nu nog bestaande vloer, in de vorm van een ster, aangelegd in wit en zwart marmer.
  • In 1778 gebeurde de inwijding van de nieuwe kerk door de Aartsbisschop van Mechelen.

Sedertdien zijn er nog herstellingswerken uitgevoerd in de 19de en begin   20ste eeuw maar deze hebben geen ingrijpende veranderingen aangebracht aan de structuur van het gebouw.

  • De vloer van het schip werd in 1911 vervangen door een veelkleurige keramiekvloer. Hierdoor zijn jammer genoeg de oude grafstenen uit de kerk verdwenen. Een aantal grafstenen van enkele 19de  -eeuwse pastoors werden aan de buitenzijde tegen de kerkmuur geplaatst.
  • In 1955 werd het interieur opnieuw geschilderd. Toen verdwenen de waardevolle gewelfschilderingen van het koor  en  de  allegorische  voorstellingen  op  paneel.   Het gewelf van het koor was versierd met drie musicerende engelen, verschillende sierlijke vogels, twee boomtakken en twee banderollen met de tekst : “GLORIA IN EXCELSIS DEO / ET IN TERRA PAX HOMINIBUS BONAE VOLUNTATIS”.

  •  In 1985 werd de kerk terug herschilderd in een kleurgeving die verantwoord is aan de stijl van de kerk.  De met rococomotieven versierde consoles van de moerbogen in  het  schip  werden  in  hun oorspronkelijke polychromie gezet. Er werd een poging ondernomen om de gewelfschilderingen vrij te maken, doch zonder resultaat.
  • In 2013 werd gestart met de restauratie van toren en westgevel. Deze restauratie is voltooid in 2014.

Zoals gewoonlijk was er ook in Elst een kerkhof rond de kerk, dat gebruikt werd als begraafplaats voor de parochianen.  Het  was  ommuurd  zodat  het  ongeveer  de  helft  van  de ruimte van het huidige kerkplein innam.

Al in 1938 werd het kerkhof “gesloten” en werd het nieuwe kerkhof, dat aangelegd werd in de Ommegangstraat, in dienst genomen.  Sinds enkele decennia is het kerkhof rond de kerk verdwenen.

STICHTING OPEN KERKEN

Deze stichting maakt het patrimonium van onze parochiekerk  alom bekend      aan de bevolking.  De St.-Apolloniakerk is gedurende het ganse jaar te bezichtigen van 9u00 tot 17u00.

Copyright Eric Capiau